Voor TienenTroef mogen wij deze avond eventjes rockjournalist spelen. “Mooi”, denk ik dan. Niet alleen ben ik zelf een groot liefhebber van dit genre, maar tevens zie ik het als een uitgelezen kans om voor de eerste keer kennis te maken met de Tiense rockscene. Gezien mijn vriendin en ikzelf nog niet zo lang in de Suikerstad wonen en het merendeel van onze vrije tijd uitgaat naar het verbouwen van onze woning presenteren er zich niet al te veel opportuniteiten om eens een stapje in de wereld te zetten en een lokaal concertje mee te pikken, iets wat ik in mijn Leuvense dagen op geregelde basis deed.

Reden om erop uit te trekken: Tiense band Gudinöv speelt vanavond een show ter gelegenheid van de release van hun allereerste langspeler ‘Atelophobia’. Op de Grote Markt van Tienen (die in de eindejaarsperiode opnieuw het decor zal vormen voor de Wintermagie in Tienen) wordt er in het kader van de actie ‘Music for a Smile’ van 19 tot 22 december radio gemaakt vanuit het Glazen Huis. Op het grote podium naast dit Glazen Huis zullen er tevens vier dagen lang live optredens te zien zijn, en vanavond (20 december) staat Gudinöv als headliner geprogrammeerd. De research die we van tevoren deden, leert ons dat het collectief in 2013 het licht heeft gezien als nageslacht van de Tiense rockband YEARN’d, die in het voorgaande decennium redelijk wat lokale bekendheid verwierf. Maar liefst vier van de vijf huidige leden (zanger Kris Decatte, Bassist Koen Guilmet, en gitaristen Jan Vanwinckel en Bart Bekker) verdienden reeds hun sporen met YEARN’d, en met de toetreding van drummer David Dolezal werd meteen ook beslist om de bladzijde om te draaien en de band een nieuw verhaal te geven met Gudinöv. Bij wijze van introductie lieten zij in 2013 meteen ook hun eerste worp, de EP ‘Into the Light’, op het publiek los. Maar nu zijn we dus toe aan hun allereerste volwaardige album ‘Atelophobia’, wat zoveel betekent als “the fear of not being good enough”. Merken wij daar een kleine zinspeling op de naam van de band? Allicht zal dit de bedoeling geweest zijn, maar naast de overduidelijk fonetische lading die de bandnaam draagt, heeft ze wel degelijk een eigen, aparte betekenis: ze zou gekozen zijn als eerbetoon aan Emma Gudinöv die in 1662 tijdens de burgeropstand het verzet leidde tegen de Tsaar Aleksej, die muziek en dans in heel Rusland verboden had. Met die muzikale link is de cirkel natuurlijk mooi rond.

Gudinöv profileert zichzelf als een band die “power rock” brengt. Dat belooft, gezien wij het ietwat ruigere gitaarwerk zeker kunnen smaken. Wij bestellen een drankje bij één van de standjes en vatten post vlak voor het podium. Na de soundcheck wordt de deur ingetrapt met ‘Good Enough’, een songtitel die, zoals ondertussen duidelijk is, niet uit het ijle gegrepen is. De drumbeat, die het nummer inzet, is een voorbode dat we vertrokken zijn voor een wilde rit. In de strofe wordt hij ondersteund door een gitaarriff die de tip van onze voet toch al lichtjes op en neer doet gaan. Er hangt al wat energie in de lucht. “Tell me sir, am I good enough?” horen we Kris Decatte zingen. “Het is misschien te vroeg om daarover te oordelen jongens”, denken we bij onszelf. Maar dit is alvast geen slecht begin.

De opener was een terugblik naar ‘Into the Light’, maar de rest van de show zal uiteraard bijna volledig gevuld worden met alle nummers van ‘Atelophobia’, met als voorloper ‘Easy for You’. We horen een interessante intro met leuke “whoohoo’s”. In de tekst wordt hier en daar een sneer uitgedeeld naar de upper class society, zoals het echte rock betaamt natuurlijk. Jack Black verkondigde het immers reeds in ‘School of Rock’: “You gotta stick it to tThe mMan.” Hierna volgt ‘Afterlife’, met een swingende riff die evengoed uit de koker van Slash had kunnen komen.  Eerste hoogtepunt ‘Party Animal’, dat zijn naam niet gestolen heeft, trapt het feestje pas écht op gang. Aan een riff als deze kunnen we niet weerstaan: jawel, het headbangen wordt ingezet. “Let it all out!” blijft Decatte ons herhaaldelijk toeschreeuwen. Doen we, Kris.

Als vijfde in de rij is daar ‘Made my Day’, dat volledig op sleeptouw wordt genomen door de bezwerende baslijn van Guilmet. En dit hadden we van tevoren nooit kunnen vermoeden, maar tijdens de intro moeten we zelfs even aan Rage Against the Machine denken. We zien (en horen) Vanwinckel daar namelijk even een trucje uithalen dat ons doet denken aan de scratching geluiden die Tom Morello zo nu en dan uit zijn gitaar weet te halen. “Cool”, horen we onszelf denken. En of die eerste indruk er nu mee te maken heeft of niet, maar de vergelijking zet zich voort wanneer de gitaren de bas vervoegen: ook dit is een riff waar wij duidelijke RATM vibes bij ervaren. Bij ons zijn dat pluspunten. Volgende: ‘Undercover Lover’. Voor ons een iets mindere, maar onze aandacht wordt wél getrokken wanneer de bridge daar is: Bekker begint te soleren en breekt daarmee op interessante wijze het nummer, Decatte volgt, door zijn zanglijn eroverheen te zingen. “Just call me your undercover lover, babe.” Tof. We laten onze aandacht terug even afglijden naar het volk om ons heen. We vinden het een beetje jammer voor de mannen op het podium, maar de markt staat verre van stampvol. Ze hebben natuurlijk de timing en de weersomstandigheden niet mee: het is voor geen enkele band een zegen om een optreden te moeten geven op dit late uur en in de open lucht, op een dag geteisterd door veel nattigheid en koude, middenin de werkweek. Het mag voor Gudinöv alvast geen domper op de pret vormen: op het podium zetten zij met veel overtuiging en energie de show voort.

De volgende is er terug eentje uit de oude doos: ‘Outside the Box’ weet te bekoren met een akkoordenprogressie die door het gebruik van een delay effect voor ons een leuke eighties vibe tentoonspreidt, en even moeten we zelfs denken aan ‘I Ran’ van Flock of Seagulls, maar dat gevoel verdwijnt al snel wanneer de tweede gitaar er zware, dreunende akkoorden bovenop legt. Een interessante mix, maar is het een geslaagde? We zijn er nog niet helemaal over uit. Met ‘Under My Skin’ (één van de betere nummers van de avond) wordt een ietwat rustiger intermezzo in het optreden ingebouwd, en steekt de eighties vibe opnieuw de kop op: de sound die zich in ons oor komt nestelen doet even dromen en terugdenken aan The Cult. Maar de droom was iets te snel voorbij: net wanneer er een apotheose leek te komen, was het nummer alweer gepasseerd. Deze had gerust iets langer mogen duren. De band wil ons nog even verder laten mijmeren met het zachtere ‘Fly Away’, maar deze weet ons niet echt te beroeren. Misschien zaten we nog te hard met het vorige nummer in ons hoofd.

De vaart wordt er terug in gebracht met het zeer degelijke en opzwepende ‘Shadows and Dust’. Goed, we zijn terug mee. Met ‘Watch Your Freedom’ is er zelfs even tijd voor een kleine politieke boodschap: In tijden als deze, met mannen als Trump aan de macht, is het belangrijk om te waken over onze persoonlijke vrijheden, waarschuwt Decatte vooraleer ze het nummer aanvangen. De boodschap wordt kracht bijgezet met een dreigende gitaarlijn van Vanwinckel. Als afsluiter van de avond is daar tenslotte ‘Traffic Jam’, een uitstekende rocker van een song die moeiteloos overeind blijft en met een baslijn die genadeloos voortdendert. Het soort nummer dat je gewoon luid in de wagen wilt spelen wanneer je aan het cruisen bent op de snelweg. Wij moesten even denken aan ‘Radar Love’ van Golden Earring, en dat mag je in ieder opzicht als een compliment beschouwen.

Conclusie: dat Gudinöv een band is waar reeds vele jaren ervaring achter schuilt, mag duidelijk wezen. Hun sound is voornamelijk thuis te brengen onder de hardrock met sterke bluesrock/classic rock invloeden, maar beperkt zich niet noodzakelijk daartoe, want zoals uit ons verslag mag blijken, riep het optreden bij ons een rits aan zeer uiteenlopende voorbeelden op. Dat mag ook niet verbazen, aangezien de leeftijden van de verschillende bandleden sterk variëren: tussen de 28 en 55 jaar.  Dit zal ongetwijfeld tot een interessante wisselwerking leiden bij het schrijven van hun nummers, wat wellicht als een sterkte van de groep genoemd kan worden. Wij hebben in ieder geval een uitstekende avond beleefd in hun muzikale bijzijn. Gudinöv? Yes, good enough.

(Het album ‘Atelophobia’ werd door de groep zelf in samenwerking met Marc De Maeyer opgenomen in hun repititielokaal op de kelderverdieping van het Vrijetijdscentrum van Tienen. Het platenlabel ‘3300 records’ waaronder de LP werd uitgebracht is ook door de band zelf opgericht. Het label is niet alleen bedoeld om muziek uit te brengen van de eigen bandleden maar ook van ander Tiens muzikaal talent.

Vanaf 9 december is de cd digitaal verkrijgbaar bij de courante online muziekshops. De fysieke CD’s zijn verkrijgbaar bij de groepsleden, bij optredens en via de website www.gudinov.com. En verder in Pro Music Shop Tenuto (Gilianstraat 93), Total tankstation (Kabbeekvest 45), Delhaize (Mulkstraat 2), Plato (Spiegelstraat 16), Standaard Boekhandel (Nieuwstraat 22).)

Auteur: Steven Van Engeland

Foto’s: Stephanie Van Der Wilt en Steven Van Engeland